Wat na het verlies?

Wat na het gebeuren van wiegendood

Een van de meest vreselijke dingen die jonge ouders kan overkomen is de plotselinge dood van hun baby. Je brengt je gezonde baby naar bed en even later wordt hij, of zij, niet ademt gevonden. In sommige gevallen zal de houding weliswaar een beetje veranderd zijn maar van spartelen of iets dergelijks zal geen sprake zijn geweest. De baby lijkt rustig in de slaap overleden te zijn. Dikwijls is in een dergelijke trieste situatie sprake van wiegendood, of Sudden Infant Death Syndrom (SIDS).

Schuldgevoel

De ouders van de overleden baby blijven in de regel niet alleen achter met een heleboel verdriet en vragen maar vaak ook met een enorm schuldgevoel. Wat hadden ze kunnen doen om de dood van hun kleintje te voorkomen? Wat is er verkeerd gegaan en wat hadden we anders kunnen doen?

Er is niemand aan te wijzen die enige schuld heeft aan wiegendood. Dit vreselijk fenomeen is namelijk niet te voorkomen. Indien een overleden baby zou zijn ges5tikt dan kan dat door onderzoek immers worden aangetoond. Een geval van verstikking komt echter maar in uiterst zeldzame gevallen voor.

Theorie

Over de oorzaken van wiegendood bestaan verschillende theorieën. Een van deze theorieën zegt dat in de eerste slaapfase de baby zodanig ontspannen raakt dat de ademhalingsspier te veel zal verslappen en stopt met werken. Door de medische wereld zijn echter nog geen duidelijke oorzaken voor wiegendood aan te wijzen. Wel is bekend dat wiegendood gelukkig zeer zeldzaam is. Een op de tweeduizend baby’s, voornamelijk in de leeftijd van twee tot drie maanden, sterven ten gevolge van wiegendood.

Ouders van een door wiegendood gestorven kind worden vaak verteerd door verdriet en schuldgevoel. Vaak denken ze: had ik ’s nachts maar even naar de baby gekeken…, ik had moeten weten dat er iets niet in orde was…, het is mijn schuld omdat ik de baby te warm heb ingestopt…

Onderzoekers bestuderen deze raadselachtige sterfgevallen en men heeft ontdekt dat veel van deze kinderen in werkelijkheid niet zo gezond waren als ze leken. Er zijn momenteel aanwijzingen dat deze kinderen mogelijk kleine afwijkingen in het centraal zenuwstelsel hadden.

Hoewel de oorzaak van wiegendood nog altijd onopgehelderd is, weten artsen tegenwoordig dat sommige groepen zuigelingen er meer kans op hebben dan andere, al kunnen ook kinderen die niet tot die groepen behoren aan wiegendood overlijden. Vaak is er sprake van een combinatie van risicofactoren. Te vroeg geboren baby’s, baby’s met een laag geboortegewicht, baby’s van ouders die roken of verdovende middelen gebruiken, baby’s van wie een broertje of zusje aan wiegendood overleden is, baby’s die gereanimeerd zijn omdat ze al eens eerder stopten met ademhalen en baby’s met een lage Apgarscore hebben een grotere kans op wiegendood.